‘Breaking news’ is voor journalisten een enerverend moment. De reguliere programmering wordt abrupt onderbroken. Een inderhaast opgetrommelde nieuwslezer schuift snel achter de microfoon. Iedereen moet zo snel mogelijk op de hoogte raken van het schokkende nieuws. Een vliegtuig heeft een flatgebouw doorboord, er zijn bommen ontploft in de metro, een vloedgolf heeft duizenden mensen de dood ingesleurd. Geen enkele journalist die twijfelt of deze gebeurtenissen ‘breaking news’ zijn: het zijn momenten die iedereen zich nog lang zal herinneren.’

Hoewel? De term ‘breaking news’ blijkt aan inflatie onderhevig. De Britse nieuwszenders BBC News 24 en Sky News roepen allerlei gebeurtenissen nogal willekeurig uit tot ‘breaking news’.  En dat doen ze in toenemende mate, zo hebben de onderzoekers Justin Lewis en Stephen Cushion van de Cardiff School of Journalism vastgesteld. Met als bij-effect dat de kwaliteit van de berichtgeving er bij inschiet.

Ze komen tot hun conclusies na een analyse van 164 uur aan uitzendingen van beide nieuwskanalen die 24 uur per dag nieuws brengen. In 2004 bekeken ze 1972 nieuwsitems, in 2005/2006  816 nieuwsitems en in 2007 809 items. Hun speciale aandacht ging uit naar items die de nieuwszenders met logo’s of banners aanduiden als ‘breaking news’.

Steeds meer ‘breaking news’
De korte onderzoeksperiode van 2004-2007 laat een opmerkelijke toename zien van het aantal nieuwsitems dat de nieuwszenders aanmerken als ‘breaking news’.

Bij Sky News verdubbelde het aandeel ‘breaking news’ in de totale hoeveelheid nieuwsitems van 4,5% in 2004 naar 11% in 2007.

De BBC beleefde ook een duidelijke groei van ‘breaking news’: van 3% in 2004 naar 11% in 2007.

Op zich is er niks alarmerends aan deze cijfers. Daar kun je makkelijk een verklaring voor bedenken.

Meer groot nieuws?
De meest voor de hand liggende verklaring zou zijn dat zich sinds 2004 simpelweg meer grote nieuwsgebeurtenissen hebben voorgedaan. Als dat zo is, is het logisch dat beide zenders meer ‘breaking news’ hebben gebracht.

Maar dat blijkt niet te kloppen. Want de de zenders zijn niet erg eensgezind in hun oordeel over wat ‘breaking news’ is. Allereerst: twintig procent van de onderwerpen die een van de zenders betitelt als ‘breaking news’, blijft bij de andere zender volledig buiten beeld. Dus terwijl de ene zender het zo belangrijk vindt dat het wordt gepresenteerd als ‘breaking news’, vindt de andere zender het de moeite van het uitzenden niet waard. Zulk groot nieuws waren die items dus niet.

Hoe vaak waren de zenders het dan wel met elkaar eens in hun beoordeling? Niet al te vaak, want slechts een kwart van de items wordt door beide zenders gebracht als ‘breaking news’. Met andere woorden, wat ‘breaking news’ is, is niet iets waar BBC News en Sky News het met elkaar over eens zijn. De toename van de hoeveelheid ‘breaking news’ is dus ook niet terug te voeren op een toename van het aantal onmiskenbaar grote nieuwsgebeurtenissen.

Meer live-nieuws?
Een andere verklaring voor de toename van ‘breaking news’ zou de technologische vooruitgang van de afgelopen jaren kunnen zijn. Journalisten zijn in toenemende mate uitgerust met lichtgewicht apparatuur om snel ter plaatse te kunnen zijn en  live verslag te kunnen doen van belangrijk nieuws.

Maar de onderzoekers stellen vast dat maar een klein deel van het ‘breaking news’ van beide nieuwszenders in 2007 bestaat uit live-verslaggeving.  Slechts in 16% van de items was sprake van eigen verslaggevers die live het nieuws rapporteerden. In weerwil van de romantiek van ‘breaking news’ gaat het vaak niet om razende reporters die achter ongelukken, rampen, aanslagen, schandalen en ander onheil aanjagen. In het leeuwendeel van de gevallen gaat om zogeheten ‘agendanieuws’: nieuws dat voorspelbaar is omdat het aangekondigd wordt.

En dat is een opmerkelijke verandering tussen 2004 en 2007. Want in 2004 was circa 20% van het ‘breaking news’ voorspelbaar, terwijl dat in 2007 gestegen was naar zo’n 55%. Kortom, meer dan de helft van het plots uitbrekende nieuws bestaat uit gearrangeerde gebeurtenissen. Denk aan de loting voor de kwartfinales van de Champions League en een persconferentie waar de Bank of England bekend maakt dat de rente onveranderd blijft.

Let wel, het zijn relevante, belangrijke nieuwsfeiten waar een nieuwszender zonder twijfel aandacht aan moet besteden. Maar het is geen plotseling nieuws waarvoor de reguliere programmering voor moet worden onderbroken. Want zo’n loting en zo’n persconferentie worden tijden van te voren aangekondigd en kunnen dus moeiteloos in het uitzendschema worden ingepast.

‘Breaking news’ als aandachttrekker
Het ligt dan ook voor de hand om te concluderen dat de nieuwszenders zo af en toe ‘breaking news’ als wapen uit de kast halen om de aandacht van kijkers te trekken. Zo nu en dan een beetje drama en sensatie om de alledaagse stroom aan nieuws wat woeliger te maken. Een 24-uurs-nieuwszender bestaat immers bij de gratie van uitbrekend nieuws.

De hamvraag is natuurlijk: is het erg dat nieuwszenders steeds vaker nieuws bombarderen tot ‘breaking news’? De onderzoekers menen van wel en komen met twee redenen.

Allereerst zorgt de drang om de eerste te zijn die het nieuws brengt ervoor dat niet de relevantie van een gebeurtenis de doorslag geeft bij de selectie van nieuws, maar puur en alleen de snelheid. Gechargeerd gezegd: Het maakt niet uit of het belangrijk is, als we maar de eerste zijn.

Ten tweede hebben de onderzoekers vastgesteld dat in ‘breaking news’-items minder bronnen voorkomen dat in gewone items. Gemiddeld komen in 100 items 71 bronnen aan het woord. Als het gaat om ‘breaking news’ is het aandeel bronnen veel lager. In maar 12% van de berichten waarin een nieuwsfeit voor het eerst als ‘breaking news’ gemeld wordt komen bronnen voor. In vervolgberichten stijgt dat naar een bescheiden 35%. De onderzoekers concluderen op basis daarvan dat ‘breaking news’ leidt tot minder goed onderbouwde berichtgeving: “we have the strange irony that more breaking news means less journalism.’

Het genoemde onderzoek van Justin Lewis en Stephen Cushion is in 2009 gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Journalism Practice onder de titel ‘The thirst to be first: An analysis of breaking news stories and their impact on the quality of 24-hour news coverage in the UK‘ (link verwijst naar de engelstalige samenvatting, het volledige artikel is tegen betaling te downloaden).

Dit stuk is ook verschenen op De Nieuwe Reporter.