“Journalisten moeten bloggen”, beweerde Henk Blanken twee dagen geleden heel stellig op zijn blog. “Ik ga niet bloggen,” bezwoer NOS Journaalpresentator Sascha de Boer twee dagen eerder. Haar collega Philip Freriks blogt omdat het moet. Het is hem min of meer opgedrongen door de buitenlandcorrespondent in Londen, Tim Overdiek, die zelf fanatiek blogt onder het credo dat journalisten zonder weblog geen toekomst hebben.

Zie hier in een notendop de ambivalente houding van journalisten tegenover bloggen. Vroeger was het eenvoudig, toen hadden journalisten de alleenheerschappij. Ze verzamelden, publiceerden en becommentarieerden het nieuws. Tegenwoordig doen legio niet-journalisten daar even hard aan mee op hun blogs. Wat moeten journalisten nu met dat geblog in de wereld om hen heen? Meedoen? Doodzwijgen? Wat mee experimenteren?

Een begin dit jaar gepubliceerd artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Journalism Practice besteedt aandacht aan dit dillema. De ondezoekers veronderstellen dat blogs een bedreiging zijn voor de journalistieke professie omdat bloggers zich op een terrein begeven dat voorheen voorbehouden was aan professionele journalisten. Daarom zullen journalisten op een of andere manier iets met dit nieuwe fenomeen moeten doen, ze kunnen het niet links laten liggen.

Er zijn verschillende opties voor journalisten. Zo kunnen ze blogs gaan gebruiken voor hun nieuwsgaring. Dit is een vorm van ‘coƶptatie’: journalisten verkiezen bepaalde blogs om te gaan gebruiken als informatiebron, naast hun ‘oude’ bronnen. Ze zetten zich dus niet af tegen blogs, maar gebruiken ze om aan nieuws en informatie te komen.

Een andere mogelijkheid is dat journalisten zelf gaan bloggen. Nieuwsorganisatie bieden de eigen medewerkers de mogelijkheid om een blog bij te houden. Dit wordt aangeduid als ‘amalgamatie’: de beroepsgroep lijft de concurrentie als het ware in. Vergelijkbaar met artsen die zich zijn gaan ontfermen over homeopathie.

Dan is er ook nog de mogelijkheid om de transparantie en interactie in de journalistiek te vergroten. Een mogelijke reden voor de populariteit van blogs zou de onvrede van mensen kunnen zijn over het gesloten bolwerk van de journalistiek. Journalisten zouden het contact hebben verloren met hun publiek en bloggers profiteren daarvan. Journalisten zouden daarop kunnen reageren door hun berichtgeving transparanter te maken en hun publiek meer mogelijkheden tot interactie te bieden.

De onderzoekers hebben de verschillende opties getoetst bij een aantal Amerikaanse kranten. Hieruit blijkt dat de dominante strategie van journalisten is om blogs te gebruiken voor hun nieuwsgaring. Dat is een tamelijk behoudende strategie. Zo proberen journalisten immers controle te houden over hun rol als nieuwsleverancier en willen ze zich niet laten verrassen door scoops van bloggers.

Journalisten kiezen in iets mindere mate voor de offensieve strategie om zelf te gaan bloggen. De opmars van blogs doet weliswaar sommige kranten besluiten om hun journalisten ook aan de slag te laten gaan met dit nieuwe genre, maar andere kranten doen dat niet. Dat is herkenbaar, zie de verschillende meningen van Nederlandse journalisten aan het begin van dit stuk.

Wat journalisten volgens dit onderzoek in elk geval niet doen is hun berichtgeving transparanter maken en de interactie met hun publiek verbeteren. Dat is dan ook wel weer herkenbaar, zie de blogs van de Journaalpresentatoren Philip Freriks en Sascha de Boer waar de reactiemogelijkheid veelzeggend buiten werking is gesteld.

Lowrey, W. & Mackay, J.B. (2008). Journalism and blogging: A test of a model of occupational competition. Journalism Practice, 2, p. 64-81. (Abstract is gratis te lezen, het hele artikel lezen vergt een abonnement of eenmalige betaling)