Voor de waarheid moet je niet bij journalisten zijn. Dat is de mening van het Britse volk. Een treurige en alarmerende constatering voor de journalistiek?

In de journalistiek draait alles om de waarheid. Dat blijkt wel uit het eerste gebod van journalistieke gedragscodes. “Eerbied voor waarheid en voor het recht van het publiek op waarheid is de eerste plicht van de journalist.” Zo luidt het eerste artikel van de vermaarde Code van Bordeaux, de internationale code voor journalisten. Op vergelijkbare wijze bevat het eerste artikel van de Leidraad van de Raad voor de Journalistiek het voorschrift: “De journalist bericht waarheidsgetrouw.”

Desondanks hebben veel Britten er weinig vertrouwen in dat journalisten de waarheid vertellen. Bovendien is dat vertrouwen de afgelopen vijf jaar radicaal geslonken. Dit blijkt uit een peiling waarvan de resultaten onlangs zijn gepubliceerd in de British Journalism Review.

1328 Britse volwassenen kregen de vraag voorgelegd hoeveel vertrouwen ze erin hebben dat journalisten de waarheid verkondigen. Mensen die als antwoord aankruisten ‘heel veel’ of ‘redelijk veel’ werden gerekend tot de groep die gelooft in de waarheidsvinding van journalisten.

In het onderzoek is onderscheid gemaakt tussen enkele groepen journalisten. Daarvan kunnen BBC-journalisten rekenen op het meeste vertrouwen. Zo’n zestig procent van de Britten denkt dat zij over het algemeen de waarheid verkondigen. Dat is een forse aderlating ten opzichte van 2003, want toen was nog tachtig procent positief over BBC-journalisten.

Voor andere journalisten ziet het er nog minder rooskleurig uit. Journalisten van de commerciële omroep kunnen rekenen op de steun van de helft van de bevolking. Journalisten van de kwaliteitskranten vertellen de waarheid volgens slechts veertig procent van de Britten. Tabloidkranten als the Mirror en Sun komen niet verder dan vijftien procent. Voor alle groepen geldt dat ze circa twintig procent aan ‘gelovigen’ hebben verloren sinds 2003.

Dat is alarmerend nieuws voor de democratie als je uitgaat van de gangbare opvatting dat journalisten geacht worden burgers objectief, onpartijdig en onafhankelijk te informeren over wat er allemaal gebeurt in de woelige wereld. Journalisten zouden derhalve een baken van betrouwbare informatie moeten zijn. Als burgers het idee hebben dat journalisten de waarheid niet verkondigen is dat een ernstige motie van wantrouwen.

De uitkomsten kan je ook anders uitleggen. Want in de enquête zijn ook andere beroepen opgenomen. Sinds 1993 is het aandeel Britten gedaald dat erop vertrouwt dat leraren, artsen, politieagenten en politici de waarheid vertellen. Je zou dus kunnen zeggen dat er sprake is van een algemene tendens. Mensen worden steeds kritischer en zijn minder volgzaam, ook ten opzichte van professionals. Wellicht is dat overigens ook het resultaat van de media die vaak uitgebreid inzoomen op dingen die fout gaan, zoals een ‘blunderend’ openbaar ministerie of politiekorps.

Desondanks is het opmerkelijk dat het vertrouwen in journalisten dubbel zo hard is gedaald als bij andere beroepsgroepen. Een zo sterk groeiende groep mensen die meent dat journalisten het niet zo nauw nemen met de waarheid is een kanjer van een imagoprobleem voor de Britse journalistiek.