5,99% van de journalisten getraind in bloggen

Internet zet de journalistiek op stelten. Tegenwoordig moeten journalisten meerdere genres beheersen (blogs, podcasts, video, etc.), een hogere productie draaien en duiding geven in plaats van louter de nieuwsfeiten brengen. En dat allemaal in een korter tijdsbestek en zonder al te veel training in die nieuwe genres. Desondanks overheerst onder journalisten het gevoel dat deze ontwikkelingen noch de kwaliteit van de journalistiek ondermijnen, noch hen het werkplezier ontnemen.

Dat zijn enkele conclusies uit een recent onderzoek van Oriella PR Network (een samenwerkingsverband van communicatiebureaus uit twintig landen). Het rapport onderbouwt deze ontwikkelingen met cijfers die nauwkeurig zijn tot twee decimalen achter de komma. Zo heeft volgens de tabellen 5,99% van de journalisten een training gehad in bloggen en verschijnt 12,91% wel eens voor de camera.

Die vermeende nauwkeurigheid is wat veel van het goede. Aan het onderzoek hebben 347 journalisten meegedaan. Deze journalisten komen uit Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, Zweden, Groot-Brittannië en de Benelux. Als we – net als de onderzoekers – de Benelux voor het gemak ook als een land rekenen, is de onderzoeksgroep afkomstig uit zeven landen. Dat zijn dan circa vijftig journalisten per land. Een nogal beperkt aantal per land. Zeker als je bedenkt dat dit aantal ook nog eens is verdeeld over omroep, krant, tijdschrift, landelijk, regionaal, etc. Of je zo een goede doorsnee krijgt van de journalistiek is zeer de vraag.

Een precieze uitleg van de gevolgde onderzoeksmethode ontbreekt in het rapport, maar navraag bij woordvoerder Bryan Taylor van PR-bureau Brands2Life leert dat de onderzoeksgroep is geselecteerd uit het adressenbestand van de Oriella PR Network. Taylor erkent dat daardoor enige vertekening optreedt: “Responses from the technology sector were slightly larger than some other vertical sectors due to the fact that Brands2Life and our partner agencies in the Oriella PR Network are technology specialist PR companies.” Oei, zouden journalisten die zich bezig houden met de technische sector ook niet juist de journalisten zijn die voorop lopen in het gebruik van technische innovaties?

Nog meer vragen roept het gereken van de onderzoekers op als ze de gegevens van individuele journalisten één op één vertalen naar media. Zo is de journalisten de vraag voorgelegd of de website van hun medium onder meer video, podcasts en blogs aanbiedt. Op basis van die antwoorden komen de onderzoekers met percentages van media die online video, podcasts en blogs publiceren. Maar die percentages gelden natuurlijk alleen als alle journalisten bij een ander medium werken. Zo gauw twee of meer journalisten bij hetzelfde medium werken krijg je dubbeltellingen en dus verkeerde uitkomsten.

Ongetwijfeld zorgt internet voor grote veranderingen in journalistiek, maar of de percentages in dit onderzoek een goed beeld geven van de Europese journalistiek valt te betwijfelen. De trend naar meer multimedia, meer taken en meer tijdsdruk zal wel kloppen, maar deze cijfers zijn waarschijnlijk niet zo nauwkeurig als ze suggereren.

2 Comments

Add yours →

  1. Richard Verbeek

    25 juni 2008 — 11:28

    Bedankt voor je kritische blik op het onderzoek. Over het algemeen geldt natuurlijk: hoe meer respondenten, des te representatiever. De insteek van het onderzoek is daarom ook vooral op Europees niveau, en niet zozeer op landenniveau (met uitzondering van de country comparison). In die zin is het ook interessanter om naar de algemene trends te kijken dan naar de cijfers achter de komma. Op http://www.flickr.com/photos/27559285@N02/ staat overigens wel een tabel die de onderverdeling van de respondenten naar type media weergeeft (graph9). IT-journalisten maken daar ruim 18 procent van uit, net als journalisten bij nationale dagbladen.

  2. Being able to blog and interact online is becoming more crucial for journalists to learn, increasingly with subjects such as SEO becoming integrated into Digital PR.

Geef een reactie