Tag: actualiteit

Geen tijd voor het publiek


Druk, druk, druk. Dus ook geen tijd voor de lezers. Dat is de reactie die ik ontving van De Gelderlander op mijn vragen over de foutieve kop boven een bericht over wielrenner Lars Boom (zie mijn bericht van zaterdag).

Het bewuste bericht was zaterdag op de website van De Gelderlander verschenen met de kop ‘Lars Boom vierde in tijdrit op WK’. Dat klopte niet, want in het bericht viel te lezen dat het ging om een vierde plek in een tamelijk onbekende etappekoers. Na onder meer een reactie van een lezer onder het bericht en mijn e-mail aan de redactie, werd de kop aangepast.

Opmerkelijk was – naar mijn idee – dat de reactie van de lezer werd verwijderd. Het leek mij logischer dat de redactie zou reageren op de lezersreactie door te melden dat het foutje was hersteld. Op die manier ga je de dialoog aan met je – opmerkzame en behulpzame – publiek. Ook op mijn e-mail kwam geen reactie. Ik had gerekend op iets als ‘bedankt, we hebben het aangepast’. Ook weer in het kader van dialoog met je publiek.

Op maandag besloot ik mijn licht op te steken bij de lezersredacteur van De Gelderlander, Huub Kerkhoffs. Even een mailtje getikt met de vragen die me bezighielden: waarom meldt de redactie niet wat er is gewijzigd aan een bericht? Waarom was de lezersreactie verwijderd in plaats van beantwoord? Waarom reageert de redactie niet op lezers die wijzen op een slordigheid of fout?

Van de lezersredacteur ontving ik geen antwoord, maar dinsdagavond kreeg ik mail van Rob Vunderink, chef multimedia van De Gelderlander. Geen specifieke antwoorden op mijn vragen, maar een simpele verklaring in enkele kernwoorden: bezetting, werkdruk en tijd. “Onze multimediaredactie doet wat ze kan en laat wat zij niet kan.” Kortom, er is geen tijd om te reageren op input van lezers.

De slordigheden die in berichten sluipen zijn vanzelfsprekend terug te voeren op dezelfde oorzaak: geen tijd. Berichten moeten in rap tempo het internet op om actueel te blijven, dus tijd voor controle van de feiten is er niet. En tijd voor interactie met lezers is er blijkbaar ook niet. Want redacties hechten meer waarde aan actualiteit en snelheid dan aan interactie, zoals ook is gebleken uit onderzoek dat ik hier eerder besprak.

In feite is het nogal kortzichtig om zo slordig om te springen met input van lezers. Juist nu er goede mogelijkheden zijn voor interactie (bijvoorbeeld via reacties onder berichten en e-mail) zouden journalisten daar gebruik van moeten maken, simpelweg omdat ze er voordeel van hebben. Lezers kunnen waarschuwen voor gemaakte fouten, geven aan welke informatie ontbreekt of waar ze meer over zouden willen weten. Door samen te werken met lezers kan berichtgeving eenvoudigweg aan kwaliteit winnen.

Dat vereist wel een omslag in denken over journalistiek. Een omslag van journalistiek als eenrichtingsverkeer naar journalistiek als dialoog. Voorlopig lijkt de journalistiek daar nog niet echt voor open te staan.

Actualiteit gaat boven interactiviteit


Het internet beloofde radicale veranderingen voor de journalistiek. Snelheid en actualiteit zouden nog belangrijker worden. Maar ook interactiviteit en publieksparticipatie zouden een prominente rol gaan vervullen. Maar dat laatste komt maar langzaam op gang, zeker bij gevestigde nieuwsredacties. De oorzaak? Journalisten vinden actualiteit belangrijker dan interactiviteit.

Dat blijkt uit een onderzoek van David Domingo dat onlangs verscheen in de Journal of Computer-Mediated Communication. Hij was op enkele internetredacties (twee van een krant, één van een omroep en één zelfstandige webredactie) in Catalonië (Spanje) aanwezig om het werk van journalisten te observeren en hield interviews met hen. Juist van die webredacties zou je verwachten dat ze gebruik maken van toepassingen die interactie met het publiek mogelijk maken.

In de gesprekken benadrukten de internetjournalisten steeds dat interactiviteit een belangrijk element is van internetjournalistiek. Maar in hun werk bleek interactie met het publiek een marginale rol te spelen. De journalisten erkennen dat ze de mogelijkheden voor interactiviteit niet volop benutten. Als oorzaak wijzen ze op een tekort aan middelen: te weinig mankracht om initiatieven te ontplooien en in de lucht te houden.

Maar volgens het onderzoek was vooral de klassieke journalistieke cultuur de boosdoener. Binnen die cultuur is actualiteit een groot goed: het nieuws zo snel mogelijk publiceren, het liefst eerder dan alle concurrenten. Dat was dan ook de prioriteit van de onderzochte internetredacties. Door te scoren op actualiteit konden ze hun bestaansrecht tegenover andere redacties bewijzen.

Op de redactie die geen banden had met een traditionele nieuwsmedium waren meer interactieve intitiatieven dan op de andere redacties. Deze webredactie werd veel minder gehinderd door de logica van oude media en was daardoor meer geneigd tot interactie met hun publiek.

De internetredacties van de ‘oude’ media (krant en omroep) zagen interactieve toepassingen vooral als een belemmering voor hun eigenlijke taken. Voor de zelfstandig opererende webredactie was interactiviteit vooral een uitdaging om berichtgeving te verrijken met input van gebruikers.